Met roodverbrande billen maar een opgetogen hart van al dat natuurschoon stapten we het busje in om nu toch iets dat op een terugweg lijkt in te zetten. De snuit gaat opnieuw Bangkok-waarts immers. Vandaag reeds voor tante Somsuk en nonkel Piet die nog wat bezoekjes willen afleggen en daarvoor de handen best vrij van gidsverantwoordelijkheden hebben. Over enkele dagen voor ons die graag nog een strandvakantiestukje aan dit Thailand-avontuur breien. Wij houden dus opnieuw halt aan de Golf van Thailand op enkele uren rijden van Bangkok. We kiezen en rustig maar toch van alle gemakken voorzien hotel uit in Cha-am. De kustplaats voor de gewone man, volgens tante Somsuk. Prima voor ons, genoeg van de koning gezien deze vakantie…
Onderweg dommelen we naar goede gewoonte weg achter de geblindeerde ruiten en in de frisse omhelzing van ons busje. Voor we het weten bereiken we Hua-Hin. In weerom een schitterende food park vindt tante Somsuk voor elk wat wils en dan nog wat. Er worden nog wat laatste inkopen gedaan en een uurtje later checken we in met zicht op zee. We nemen afscheid van onze reisgezellen en na deze intense weken valt dat voor iedereen plots zwaarder dan gedacht. We proberen vooral tante Somsuk gerust te stellen dat we met haar hulp nu echt wel comfortabel gelogeerd zijn, dat we ons zullen redden tot onze chauffeur ons donderdag komt halen en dat we haar anders wel zullen bereiken. Er wordt gezoend en gezwaaid en dan begint de ontdekking van het hotel.
Kasper en David gaan voor de game zone en dagen elkaar uit voor enkele potjes poolen, Victoria test de draagkracht van de wi-fi en
Saskia verkiest de verkoeling van de zwemstraat. Daarna zetten we de verkenning verder in de nabije omgeving. We stappen vier 7-elevens naar rechts en 3 7-elevens naar links, lopen tot aan het Long Beach Hotel waar voor ons geen plaats meer was maar keren met plezier terug naar onze herberg. Het avondmaal was voor het ouderfront geen doorslaand succes. Cocktail en Mocktail van puur suikerwater, hapjes uit de microgolf (!!!) maar de kinderen waren dolgelukkig met een Thaise versie van pizza. Dus wat deert het?
Een deugddoende en lange nachtrust (we dachten bij de wekker van zeven waarom slapen we niet gewoon eens uit en werden twee uur later met moeite wakker, zelfs de kinderen leken voor een keer frisser) en een deftig ontbijtbuffet lanceerden ons voor een zalig dagje niets doen. Voor ons eigenlijk een uitdaging. We zijn er de mensen niet naar. Hoe kom je zulk een stranddag door? Dus laadden we onze tas vol met boeken en spelletje, liters zonnecrème en een stapel Zweedse puzzels, kozen we alleraardigste stoelen en parasols uit op een verder verlaten strand, dropten Victoria in rubberen-dobber-band, wisselden met ons drieën af in het escorteren van ‘bjoetiful! bjoetiful!’ en merkten zo nauwelijks dat de tijd voorbij ging. Later in de namiddag toen er een briesje opstak fladderden we opnieuw de straat over en het hotel binnen. Er werden kilometers gemaald en baantjes getrokken en dan was het alweer tijd voor een toertje en een aperitief. We gaan dat nog goed kunnen, die dolce far niente.
Zo blijkt opnieuw na een ochtend langer slapen, later ontbijten. Om dan toch enige activiteit te ontwikkelen besluiten we een wasje te gaan draaien en Victoria vervolgens met een timer haar eigen weg (richting kamer?) te laten gaan en zelf de zuidkant van het strand te gaan ontdekken. Het is er meer op backpackers gericht, we ontdekken enkele aangename plekjes en houden die voor de avond in het achterhoofd. De terugweg lopen we over een verlaten strand. Geen mens, geen strandstoel, geen parasol te zien vandaag. Vreemd, de zon schijnt immers nog aardig, al gaf de weersvoorspelling wel bewolking en een bui aan. We vragen ons af of dit een collectieve voorzorgsmaatregel is of men een noodtoestand heeft afgekondigd, men er na al die toestanden met de verjaardag van de koning nu gewoon even genoeg van heeft, of die paar achtergebleven toeristen nu gewoon gevraagd wordt even voor zichzelf te zorgen. We blijven raden, maar trekken ook gewoon onze plan. Het is te zeggen. We gaan weer voluit voor de spel- en sportfaciliteiten die ons nu plots wel erg rustige hotel te bieden heeft. Zowel het dakzwembad als de zwenstraat hebben we gedurende uren enkel voor ons ter beschikking. Je hoort ons niet klagen maar een beetje bevreemden is deze rust wel. Tegen de avond aan komt dan de wellicht langverwachte wolkbreuk. Lucht en zee zijn niet meer van elkaar te onderscheiden, de hotelblokken even verderop zijn verscholen achter een grijs gordijn. Wij maken het ons gezellig op de kamer. Spelen gezelschapsspelletjes, krijgen selfie-les, kijken naar de Thaise MTV-meets-VTM, degusteren bizarre beautydrinks en wachten tot het over waait. Zodra het ophoudt met regenen stappen we in de lift en nog voor we een voet op straat hebben gezet lijkt die al weer opgedroogd. Kraampjes worden opnieuw opgezet, hongerigen gaan op zoek naar lekkers. Wij ook. We belanden in een trendy en duidelijk toeristische plek maar de bediening spreekt een onberispelijk Engels, vindt met een Pamuk-glimlach oplossingen voor al onze vegetarische wensen en serveert de heerlijkste cocktails en smoothies. Zalig einde voor onze laatste relax-dag. Stel je voor dat we dit zouden gewoon worden…







